Wildaanrijdingen

Elk jaar worden zijn er talloze dieren slachtoffer van een aanrijding. Deze dieren worden doodgereden of verwond en veel mensen weten dan niet wat ze moeten doen en rijden dan vaak door. Als een dier gewond is geraakt na de aanrijding, zal deze doorgaans wegkruipen in de dekking en een vreselijke en langzame dood tegemoet zien.

Hoe aanrijdingen te voorkomen?

Wilde dieren kijken doorgaans niet uit voordat ze oversteken en een ongeluk is dan snel gebeurd, maar dergelijke aanrijdingen zijn vaak te voorkomen door rekening te houden met een aantal zaken.

Veel aanrijdingen zijn terug te voeren naar de gereden snelheid, respecteer hierom de maximumsnelheid. Deze is in het buitengebied doorgaans 60 km/u. Een maximumsnelheid is niet per se een minimumsnelheid. Buiten de snelweg is er in Nederland geen minimum snelheid. Rijd ook eens langzamer en geniet van het wild dat uittreden wil en langs de kant van de weg staat.

Het risico van een wildaanrijding is het grootst rond zonsopgang en na zonsondergang. Mijd hierom de vaak onverlichte wegen in het buitengebied, tenzij er een noodzaak is om hier te rijden. Voorkomen is beter dan genezen.

Hou er rekening mee dat als er één dier is overgestoken, er regelmatig meer volgen. Helemaal in de tijd van de kalveren en biggen.

En mocht er dan toch een dier oversteken, hou het stuur recht, zodat u de controle over het voertuig houd tijdens het remmen. Dat is het veiligste voor u als bestuurder.

Toch een wildaanrijding gehad?

Mocht u onverhoopt toch een aanrijding krijgen met een overstekend dier dan moet u her volgende doen.

  • Bel direct de politie op 0900 – 88 44, ook als het dier niet meer aanwezig is of de klap niet zo hard. Ook bij een ogenschijnlijke kleine aanrijding kan een dier creperen in de dekking door interne verwondingen. De politie kan dan een zweethondengeleider inschakelen voor een nazoek en het dier kan hierdoor eventueel waardig sterven met een minimum aan onnodig lijden.
  • Geef zo nauwkeurig mogelijk de locatie door. Met een applicatie als Google Maps kunt u tijdelijk, realtime uw locatie delen met de politie en/of de faunabeheerder.
  • Onthou goed de plek waar het dier geraakt is. Voordat u gestopt bent, bent u doorgaans al vele meters verder. Hoe nauwkeuriger u de plaats van het ongeval kan aanwijzen, des te sneller kan de zweethond het spoor vinden en gaan zoeken naar het dier.
  • Ga niet zoeken naar het dier. Door te zoeken ‘vervuild’ u het spoor en wordt het voor de zweethond veel moeilijker om de geur op te pikken. Een gewond dier kan honderden meters of zelfs kilometers doorlopen. De kans dat u zelf het dier terugvind, is minimaal en laat dit dus over aan de zweethond en diens begeleider. Nog afgezien van het gevaar van een confrontatie met een gewond wild zwijn.
  • Neem het aangereden dier nooit mee, ook niet als deze gedood is door het ongeval. Al het wild heeft een beschermde status in de wet natuurbescherming en staat dit niet toe. Alleen de faunabeheerder of de politie is hiervoor bevoegd.